Database - ZOEKEN
Genre / Voornaam / Achternaam / Levensdata / Titel / Brongegevens Bundel / Eerste Uitgave / Brongegevens Monographie | Figuren mythologisch-literair / Figuren historisch / Plaatsen mythologisch / Plaatsen historisch / Abstrakta / Gebeurtenissen / Antieke Auteurs / Antieke Geschriften | Gebied / Cultuurgebied / Opmerkingen / Citaten | van: |
---|---|---|---|
LyrikH.H. (Herman Hendrik) Balkt, ter1938-2015 Weens maal, wensmaal Raster. Nieuwe reeks 53 (1991), pp. 12-13. | Nessos | abw | |
LyrikChris Honingh1951- Heracles' Eclips Hollands Maandblad 484 (1988), pp. 28-33. | Herakles, Hercules (passim, onder meer: geboorte, daden, liefdesrelaties), Nessos, Deianeira (32-33 [Thema]), Hippolyte (29), Kerberos ("Cerberos"), Charon (31) | abw | |
LyrikK.H. Raaf, de1871-1948 De Centaur De Nieuwe Gids 44 (1929), pp. 700-704 | Herakles, Nessos, Deianeira ("Dejaneira") [Thema], "Centaur", Hydra ("Lerna's slanggedrocht", 702) Aphrodite ("Kupris", 701) | griechisch Aischylos Persae 97-100 | abw |
ProsaEtienne Laroux1922-1989 Die derde Oog Wynberg: Human & Rousseau 1966 1966 | Herakles [thema], Deianeira, Nessos receptie van Sophokles Trach. (Vrouwen van Trachis) en Euripides Herakles Furens (+ Dante Divina Commedia, m.n. het Inferno gedeelte) | Afrikaanse literatuur
Het Heracles verhaal in een moderne setting in Zuid-Afrika | abw |
LyrikKarel Woestijne, van de1878-1929 Hebe K.v.d.W.: Verzameld werk. Deel 2. Epische poëzie. Fragmenten. Ilias-vertaling (1949), pp. 191-214. 1913 | Herakles, Hebe [Thema], Nessos ("Nessuskleed", 193) | abw | |
LyrikAnna Enquist1945- Oedipus Eine Jacke aus Sand, uitgegeven door Gregor Laschen, Keulen: die horen, 86. | Ödipus ("Oedipus") | Psychoanalyse (Freud) Pseudoniem van Christa Widlund-Broer; p. 86: het originele gedicht; p 87: duitse vertaling van Gregor Laschen | abw |
LyrikJ. Bernlef1937-2012 Phoenix Eine Jacke aus Sand, uitgegeven door Gregor Laschen, Keulen: die horen, 152. | Feniks (Phoenix) | J. Bernlef is het pseudoniem van Hendrik Jan Marsman. Een Duirse vertaling van het gedicht door Wolfgang Hilbig is te vinden op p. 153. | abw |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Lente L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 13 L.Th.L. Subjectieve Rapportage, H.P. Leopolds Uitgevers-Mij N.V.: Den Haag 1940 | Homerische held (? “Ik voel mijn warme schouders breed, mijn hart/roffelt mijn borstschild als een krijgsmansspeer.”, III) | MJR | |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Inspiratie L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 16 L.Th.L. Subjectieve Rapportage, H.P. Leopolds Uitgevers-Mij N.V.: Den Haag 1940 | Nacht | Poëtologie | MJR |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Jazz in New York L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 22 L.Th.L. Subjectieve Rapportage, H.P. Leopolds Uitgevers-Mij N.V.: Den Haag 1940 | Nymphen | MJR | |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Amazone L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 23 L.Th.L. Subjectieve Rapportage, H.P. Leopolds Uitgevers-Mij N.V.: Den Haag 1940 | Amazone [thema] paraklausithyron (? “wanneer gij voor uw voordeur staat”) | Het lyrisch subject beschrijft een vrouw voor haar voordeur die, merkt hij, niet zal reageren op zijn avances. De vrouw wordt als mannelijk getypeerd. | MJR |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 De nieuwe Narcissus L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 25 L.Th.L. Subjectieve Rapportage, H.P. Leopolds Uitgevers-Mij N.V.: Den Haag 1940 | Narcissus [thema] | Het spiegelbeeld komt vaker terug in de bundel (zie bijv. “Ik ben blasé …”) en kan als extensie van een Narcissus-motief begrepen worden | MJR |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Anchises L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 150 L.Th.L. Anchises, De schone zakdoek (1.10): Utrecht 1942, 33 | Anchises [thema], Eurycleia (? "zij"), Odysseus (? "mijn zoon", "hij") | Het gedicht is gepubliceerd in De Schone Zakdoek, een ondergronds avantgardistisch literair maandblad.
Het gedicht is ietwat cryptisch. Wellicht stelt het Anchises voor na de dood van zijn vrouw maar voor de terugkomst van zijn zoon. | MJR |
LyrikH.H. (Herman Hendrik) Balkt, ter1938-2015 De mieren Eine Jacke aus Sand, uitgegeven door Gregor Laschen, Keulen: die horen, p. 10. | De militaire context en zinspelingen laten denken aan Vergil Aeneis 1, 418-436 (Aeneas ziet hoe de Carthagische bevolking o.l.v.Dido de stad Carthago opbouwt, vergelijking met bijen, apes);
Francois Villon (cf. "partikels aardbei / ... porties lip") | mieren als soldaten, die een stad opbouwen, maar ook liefde(?) meebrengen | abw |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 La plongeuse L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 52 L.Th.L. Dag- en nachtlawaai, A.A.M Stols: Rijswijk 1940 | Penthesilea "Penthesileia", amazone marmer, offer | MJR | |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 400 m. L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 54 L.Th.L. Dag- en nachtlawaai, A.A.M Stols: Rijswijk 1940 | Griekse urn | Een 400 m. sprint wordt voorgesteld als een jacht. Mogelijk kan het gedicht, door het benoemen van de urn, begrepen worden als ecphrasis. | MJR |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Bacchanal solitaire L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 58 L.Th.L. Dag- en nachtlawaai, A.A.M Stols: Rijswijk 1940 | bacchanaal [thema] | MJR | |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Pygmalion L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 59 L.Th.L. Dag- en nachtlawaai, A.A.M Stols: Rijswijk 1940 | Pygmalion [thema] | Pygmalion wordt voorgesteld als oude man en kan gelezen worden als poëtologische figuur. | MJR |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Krottenbuurt in de winter L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 61 L.Th.L. Dag- en nachtlawaai, A.A.M Stols: Rijswijk 1940 | falanx, hiërogliefen | MJR | |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Prometheus L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 65 L.Th.L. Dag- en nachtlawaai, A.A.M Stols: Rijswijk 1940 | Prometheus [thema] | MJR | |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Groteske idylle L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 70 L.Th.L. Dag- en nachtlawaai, A.A.M Stols: Rijswijk 1940 | Arcadië idylle, geliefde sekswerker | MJR | |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 De fluiten L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 169-176 L.Th.L. Gedichten, Van Oorschot: Amsterdam 1948 | Pan (174) Hellas, Pompeï (169), Troje (172), Sicilië, Cos “Kos” (173) fluit [thema], elegie (169, 175), strijdlied, herderslied (173),
beeldhouwkunst, vaasschilderkunst, kothurn (169), triomftocht, bloemenkrans (173) Sappho (169-170), Archilochus (171-172), Theocritus (173-174), Rumi "Djelaleddin" (175) | Het vijfluik reflecteert op het gebruik van de fluit in (poëtische en muzikale genres van) de oudheid Archilochus 2 Diehl [paratekst], Archilochus 6 Diehl (“die streed of spottend vluchtte”), Theocr. Idyl. 1.15-16 | MJR |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 Academia Sorana L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 181 L.Th.L. Gedichten, Van Oorschot: Amsterdam 1948 | nymphen (“nymphen van Watteau”), muze | MJR | |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 “De aarderonding maakt de zee tot wal” L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 182 L.Th.L. Gedichten, Van Oorschot: Amsterdam 1948 | Tantalus "het tantalizerende gezonkene" Atlantis | De bestudering van de oudheid, het opduiken van archeologische vondsten in het water (Lehmann was scheepsarcheoloog), wordt vergeleken met de bestraffing van Tantalus in de onderwereld. | MJR |
LyrikLouis Theodorus Lehmann1920-2012 “Steeds moesten dichters wonen in kastelen” L.Th.L. Gedichten 1939-1998, De Bezige Bij: Amsterdam 2000, 187 L.Th.L. Gedichten, Van Oorschot: Amsterdam 1948 | onmaatschappelijke dichter | Vergelijkbare kritiek op onmaatschappelijke dichters levert de dichter ook in het gedicht De fluiten dat deze bundel opent | MJR |